Vrijstelling van inschrijving vanwege overwegende bedenkingen
artikel 5 sub b Leerplichtwet 1969
Als u vindt dat uw kind(eren) niet naar school of onderwijsinstelling kan/kunnen gaan omdat u overwegende bedenkingen heeft tegen de richting van de school of onderwijsinstelling, dan kan er onder bepaalde voorwaarden vrijstelling ontstaan voor de plicht om uw kind in te schrijven op een school.
Een ‘overwegende bedenking’ is een bezwaar dat u heeft tegen de school of instelling. Overwegend wil zeggen dat dit bezwaar voor u zwaarder weegt dan het nadeel dat uw kind(eren) helemaal geen onderwijs krijgt (krijgen). Dit bezwaar moet altijd gericht zijn op de richting van het onderwijs (basisgedachte van de school, gebaseerd op een bepaalde godsdienstige overtuiging of levensbeschouwing). Het bezwaar kan niet gericht zijn tegen de soort van het onderwijs, de leerplicht in het algemeen of de wettelijke inrichting van het onderwijs. Daarnaast moet het bezwaar gelden voor alle scholen en/of instellingen die binnen een redelijke afstand van uw woning liggen. Voor scholen in het basisonderwijs geldt een afstand van 6 km. Voor scholen in het voortgezet onderwijs geldt een afstand van 20 km.
Uitspraak van de Hoge Raad
Op 21 april 2026 heeft de Hoge Raad een uitspraak gedaan over deze vrijstelling. In deze uitspraak staat het recht van kinderen op onderwijs centraal. De Hoge Raad heeft geoordeeld dat een beroep op vrijstelling wegens richtingsbezwaren niet langer mogelijk is wanneer binnen een redelijke afstand van de woning een school voor openbaar onderwijs beschikbaar is.
Daarbij heeft de Hoge Raad overwogen dat het openbaar onderwijs wordt gegeven met respect voor ieders godsdienst of levensovertuiging en toegankelijk is voor alle kinderen, ongeacht de achtergrond of overtuiging van ouders. Hierdoor kan de aanwezigheid van een openbare school op redelijke afstand ertoe leiden dat geen vrijstelling op grond van artikel 5 onder b, van de Leerplichtwet kan worden afgegeven.
Deze vrijstelling kan ontstaan als u voldoet aan de volgende voorwaarden:
- De vrijstelling is tijdig aangevraagd. Dat wil zeggen 1 maand voordat uw kind 5 jaar wordt, daarna jaarlijks vóór 1 juli voorafgaand aan het nieuwe schooljaar;
- Uw kind is niet eerder ingeschreven (geweest) op een school of instelling waartegen nu bedenkingen tegen de richting zijn;
- De bedenkingen zijn daadwerkelijk gericht tegen de richting van de school. Per school en/ of instelling onderbouwt u uw bedenkingen in daarvoor bedoeld formulier;
- U geeft gehoor aan de uitnodiging voor een eventueel gesprek voor een mondelinge toelichting.
U kunt gebruik maken van Formulier 5 sub b om de vrijstelling aan te vragen. U print dit formulier uit, vult het in en daarna kunt u het ondertekenen. Dan maakt u een foto of een scan van het formulier en stuurt deze via de mail aan info@leerlingzakenmh.nl of u stuurt het per post aan Bureau Leerlingzaken, Antwoordnummer 10005, 2800 VB Gouda.